Naar inhoud springen

Eredvi (plaats)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Eredvi
Еред / Ирыхъæу
ერედვი
Dorp in de jure Georgië Vlag van Georgië
Dorp in de facto Zuid-Ossetië Vlag van Zuid-Ossetië
Eredvi (Georgië)
Eredvi
Situering
De jure Georgië
Regio Sjida Kartli
Gemeente Eredvi
De facto Republiek Zuid-Ossetië
Rajon Tschinvali
Coördinaten 42° 15′ NB, 44° 2′ OL
Algemeen
Inwoners 0
Hoogte 1000 m
Detailkaart
Eredvi (Zuid-Ossetië)
Eredvi
Locatie in Zuid-Ossetië
Foto('s)
Eredvi in 2010
Eredvi in 2010
Portaal  Portaalicoon   Georgië

Eredvi (Georgisch: ერედვი; Ossetisch: Еред, Ered; Russisch: Ередви, Eredvi) of ook Irykau (Ossetisch: Ирыхъæу, Irikau) is een dorp in het centrale noorden van Georgië, in de afscheidingsregio Zuid-Ossetië. Als gevolg van de Russisch-Georgische Oorlog van 2008 werd het door etnisch Georgiërs bewoonde dorp ontvolkt, in brand gestoken en vernietigd door Zuid-Osseetse milities. Het heeft derhalve geen inwoners meer. Het was het centrum van de gelijknamige gemeente.

Eredvi lag zes kilometer ten oosten van de Zuid-Osseetse hoofdstad Tschinvali, op een hoogte van ongeveer duizend meter boven zeeniveau aan de voet van het Goedisigebergte, waar deze overgaat in de vlakte van Sjida Kartli. Voor de Georgische autoriteiten ligt het dorp in de bestuurlijke regio Sjida Kartli en is sinds 2006 het centrum van de gemeente Eredvi, een bijzondere gemeente in de door Georgië ingestelde Provisionele Territoriale Eenheid Zuid-Ossetië. Voor de separatistische Zuid-Osseetse autoriteiten ligt het dorp bestuurlijk in het district Tschinvali.

Sint Joriskerk uit de 10e eeuw

De vroegste beschrijvingen van Eredvi gaan terug naar de 8e eeuw.[1] Eredvi was een langgerekt dorp dat uit verschillende delen bestond, die in de jaren 1930 gescheiden werden in de afzonderlijke dorpen Eredvi, Beroela en Argvisi.

Er zijn restanten van een 13e-eeuws fort en diverse middeleeuwse kerken met cultuurhistorische waarde.[2] De Sint Joriskerk uit de vroege 10e eeuw is hiervan de belangrijkste vanwege de inscripties die inzage geven in de kerkhistorie en politieke situatie in Kartli in de 10e eeuw.[3] De verschillende belangrijke kerken in het relatief grote dorp en de aanwezigheid van het fort maakte Eredvi tot een relatief prominente plaats in het middeleeuwse koninkrijk Kartlië.[1]

Georgisch-Ossetisch conflict

[bewerken | brontekst bewerken]

Tijdens de vorming van de Zuid-Ossetische Autonome Oblast in 1921-1922 door de nieuwe Sovjet-autoriteten en het bepalen van de grens van de beoogde autonome regio protesteerden tientallen door Georgiërs bevolkte dorpen, waaronder Eredvi, tegen de voorgenomen inclusie in Zuid-Ossetië.[4] Het protest mocht niet baten en Eredvi en andere Georgische dorpen belandden alsnog in de autonome regio.

Na het opheffen van de Zuid-Ossetische autonomie in december 1990 werd het district Tschinvali, waar Eredvi onder viel, in april 1991 opgeheven en aan Gori toegevoegd.[5] Tijdens de Zuid-Osseetse oorlog van 1991-1992, onderdeel van het Georgisch-Ossetisch conflict, vond in Eredvi en andere dorpen in de omgeving met een Georgische meerderheid etnisch geweld plaats. Eredvi was het hoofdkwartier van een informele Georgische militie die met zeer veel geweld in deze dorpen etnische zuiveringen pleegde tegen de Osseetse minderheid.[6]

Op 18 maart 1991 vond in Eredvi een van de grootste tragedies in het conflict plaats. Als vergelding voor het vermoorden en verbranden van vier Georgiërs in een auto, werd een Oeral-vrachtwagen met 25 Osseten in Eredvi gestopt, waarna twaalf Osseetse mannen gemarteld en levend begraven werden in een massagraf. In september 1993 werden de lichamen van de tot dan als vermist geldende mannen gevonden en opgegraven.[7] Het dorp kwam in 1992 onder Georgische controle te staan binnen de door Rusland geleide vredesmacht. In augustus 2004 was het dorp dagenlang doelwit van zware Osseetse beschietingen waarbij meer dan tien Georgische soldaten om het leven kwamen.[8]

Verkiezingen 2006

[bewerken | brontekst bewerken]

Eredvi werd in 2006 het bestuurlijk centrum van de nieuw opgerichte gelijknamige gemeente, ten behoeve van het lokale bestuur over veertien dorpen in de omgeving, die Georgië controleerde. Eredvi was vervolgens in november 2006 het centrum van alternatieve verkiezingen die de Zuid-Osseetse oppositie organiseerde, tegelijkertijd met de separatistische Zuid-Osseetse presidentsverkiezingen. Voormalig Zuid-Osseets premier Dmitri Sanakojev won de alternatieve verkiezing en vormde een eigen parallelle Zuid-Osseetse regering die in Koerta zetelde.[9] De Georgische regering erkende deze regering in mei 2007 als Zuid-Ossetische Administratie, die het mandaat kreeg als tijdelijk bestuur over de 'Provisionele Territoriale Eenheid Zuid-Ossetië'. Deze tijdelijke territoriale eenheid werd met ingang van 2026 afgeschaft.

Zie Russisch-Georgische Oorlog voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In de periode voorafgaand aan de oorlog van 2008 waren Georgisch bewoonde dorpen rond Tschinvali, waaronder Eredvi, Avnevi] en Tamarasjeni, regelmatig doelwit van Osseetse beschietingen en aanslagen.[10] De Zuid-Osseetse zijde beweerde dat vanuit deze Georgische dorpen op nabijgelegen Osseetse plaatsen of posities werd geschoten. Ook waren er aanslagen en hinderlagen in de Georgische omlegging buiten Tschinvali om, tussen Eredvi en Koerta. Het konvooi van de door Georgië erkende leider over Zuid-Ossetië, Dmitri Sanakojev, reed in juli 2008 op deze weg in een hinderlaag, waarbij een op afstand bedienbare mijn werd gebruikt.[11] Eredvi werd op 8 augustus 2008 ook meermaals vanuit de lucht gebombardeerd, waarbij het dorp zwaar beschadigd raakte en er volgens getuigenissen burgers omkwamen.[12]

Aanklagers van het Internationaal Strafhof documenteerden de stelselmatige vernietiging van huizen in Eredvi en elders, en stelden dat dit gebeurde "met als doel de etnische Georgiërs met geweld van het grondgebied van Zuid-Ossetië te verdrijven".[13] De Zuid-Osseetse leiding bleef ook na het staakt-het-vuren van 12 augustus 2008 opdracht geven tot het afbranden van alle huizen in Eredvi en andere dorpen.[14] Human Rights Watch rapporteerde in september 2008 ter plekke plundering van de huizen.[15] In de periode 2017-2020 werden alle restanten van Eredvi verwijderd. De Sint Joriskerk heeft de oorlog en wat daarna volgde overleefd. Als gevolg van de oorlog verloor Tbilisi de controle over Zuid-Ossetië en dus ook over Eredvi. De voormalige inwoners wonen in speciale vluchtelingendorpen in Georgië.

Volgens de Zuid-Osseetse volkstelling in 2015 had Eredvi (Irikau) geen inwoners.[16] Historisch was Eredvi een Georgisch bevolkt dorp. In de Sovjet-periode kwamen ook Osseten in het dorp te wonen, maar zij bleven een minderheid. Het dorp werd in de oorlog van 1991-1992 etnisch gezuiverd waarna het als gevolg van de oorlog van 2008 geheel ontvolkt raakte.

Bevolking van Eredvi
Jaar 18861923193919701979198920022015*
Aantal [17]1.180[17]Gestegen 1.624860Gestegen 1.056Gestegen 1.123Gedaald 1.103Gedaald 918Gedaald 0
Georgiërs 100 %98 %-n.b.[18]n.b.[18]75 %96 %-
Osseten 0 %2 %-n.b.[18]n.b.[18]24 %--
Verantwoording data: 1886,[19] 1923,[20] 1939-1989,[21][22] volkstelling 2002,[24] Zuid-Osseetse volkstelling 2015.[16]
* De statistieken van 2015 worden niet door Georgië erkend.
Zie de categorie Eredvi van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.